Samenvatting
Inge maakt in haar eentje een reis door Indonesië. Ze hoopt tijdens die vakantie aan het schrijven van haar autobiografie toe te komen. Ook wil ze afstand nemen van de verstikkende liefdesrelatie met haar vriendin Myrna. Tijdens de reis ontmoet ze Karen en haar zoon Bert. Er ontstaat een vriendschap tussen de twee vrouwen. Maar dan is er de Indonesische masseuse Anna met wie Inge een erotische verhouding krijgt. Maar welke rol speelt Karen daar in? En welke consequenties heeft een lesbische relatie voor Anna in dit Oosterse land? In het eigentijdse verhaal met flashbacks naar Inges jeugd, speelt de bloem van de hibiscus een metaforische rol. Symbool van erotiek?
Uit het boek
Plotseling zit de verlegen Inge daar weer onder het grote bureau. Naast pappa’s grijze broekspijpen met pantoffels eronder, staan een paar magere benen met geblokte kniekousen. Die dunne benen horen bij neef Ben, die van pappa bijles krijgt. Ze hoort de stem van pappa die Ben overhoort. ‘Wanneer was de 80-jarige oorlog? Ben: ‘Eh, vijftien, vijftien... Dan papa’s geduldige stem: ‘Lees nog maar eens goed in je boek, jongeman’. Inge zit daar vaak als papa les geeft. Veel vragen en antwoorden komen steeds terug en als pappa op een keer vraagt naar een beroemde man van vroeger, weet ze het feilloos. ‘Jan de Wit’, klinkt het van onder de tafel. Het is er uit voor ze het zelf weet. Waarom weet Ben dat nou nog niet? Het blijft een hele tijd stil en het lijkt of Beer haar een knip-oogje geeft.
Hier kan ze het wel zeggen, dat goede antwoord. Meester is hier gewoon pappa. Op school houdt ze meestal maar haar mond als ze het weet. Ze hoort de kinderen al weer zeggen: Uitslover, dochtertje van de meester! De kinderen van haar klas zijn snel met hun mond, ze spelen liever op straat dan taallesjes te maken. Ze knoeien met inkt en als meester even niet kijkt gooien ze met propjes. Ze praten plat en lachen om Inge als ze wat wil vragen. Het meisje wil graag veel weten, ze is net als dat hongerige vogeltje dat soms in de vensterbank zit als papa kaaskorstjes uit het raam gooit. De brutale meeuwen zijn er altijd als eerste bij.
Net als die kinderen op school.
Over de auteur
"Ik ben geboren in Amsterdam in 1934. Als kind schreef ik al verhaaltjes en gedichten. Dat kwam goed van pas in mijn werk als kleuterleidster. Nog steeds schrijf ik verhalen en gedichten, maar ook columns voor de krant waarvoor ik werk als journalist. In 2004 won ik een columnwedstrijd van het Haarlems Dagblad. Ik heb diverse dichtbundels, een boek met korte verhalen en columns in eigen beheer uitgegeven. Daarnaast geef ik cursussen Creatief Schrijven en schilderen."